Gepubliceerd · Bijgewerkt

Nationale Bank van Oekraïne verhoogt sleutelrente naar 16%

De Nationale Bank van Oekraïne (NBU) heeft haar sleutelrente met 0,5 procentpunt verhoogd naar 16%. Het is de tweede opeenvolgende verhoging. De centrale bank wijst op aanhoudende inflatiedruk en oplopende risico's op middellange termijn als reden.

Hoofdpunten

  • De NBU verhoogde de sleutelrente van 15,5% naar 16%.
  • Het is de tweede opeenvolgende renteverhoging; de vorige was op 30 juli 2026.
  • De consumenteninflatie versnelde in augustus 2026 tot 8,1% jaar-op-jaar, iets boven de prognose van juli.
  • De NBU noemt gestegen brandstofprijzen door escalatie in het Midden-Oosten en snellere stijgingen van administratieve tarieven door Russische aanvallen op infrastructuur als drijvende factoren.
  • Het inflatiedoel van de NBU is 5%; de prognose is 10% eind 2026, 6,9% in 2027 en 5% eind 2028.
  • De volgende beleidsvergadering van de NBU staat gepland voor 29 oktober 2026.

Waarom dit belangrijk is

Het is de tweede opeenvolgende renteverhoging en geeft het aanscherpingsbeleid van de NBU weer in reactie op een oplopende inflatie. De inflatie van 8,1% in augustus lag boven de prognose van juli en werd deels aangedreven door oorloggerelateerde aanbodschokken, waaronder schade aan de binnenlandse kritieke infrastructuur door Russische aanvallen. De renteverhoging raakt direct de aantrekkelijkheid van hryvnia-activa, de stabiliteit van de wisselmarkt en het pad terug naar het inflatiedoel van 5%.

Wat er is gebeurd

De Raad van de Nationale Bank van Oekraïne heeft op 17 september 2026 besloten de sleutelrente te verhogen van 15,5% naar 16%, een verhoging van 0,5 procentpunt. Het is de tweede opeenvolgende verhoging, na de stap naar 15,5% op 30 juli 2026. De NBU noemde als redenen aanhoudende fundamentele prijsdruk, secundaire effecten van aanbodschokken en sterker wordende pro-inflatoire risico's op middellange termijn. De centrale bank stelde dat de verhoging de aantrekkelijkheid van hryvnia-activa en de stabiliteit van de wisselmarkt ondersteunt, en inflatieverwachtingen onder controle moet houden om de inflatie terug te brengen naar het doel van 5%.

De consumenteninflatie bereikte in augustus 2026 8,1% jaar-op-jaar, iets boven het traject van de juliaverwachting. Sneller dan verwachte stijgingen van brandstofprijzen door escalatie van de oorlog in het Midden-Oosten en snellere stijgingen van administratieve tarieven als gevolg van Russische aanvallen op kritieke infrastructuur droegen bij aan de prijsdynamiek. De kerninflatie bleef hoog, gedragen door stijgende productiekosten in het bedrijfsleven, waaronder energie, logistiek en lonen.

De NBU prognosticeert een consumenteninflatie van 10% en een kerninflatie van 9,2% eind 2026, een vertraging naar 6,9% in 2027 en 5% eind 2028. De centrale bank staat klaar om aanvullende maatregelen te nemen als risico's voor prijsdynamiek en inflatieverwachtingen materieel toenemen, en overweegt de monetair-monetaire voorwaarden te versoepelen als een verslechtering van de veiligheidssituatie leidt tot merkbare afkoeling van consumptievraag en arbeidsmarkt. De volgende beleidsvergadering staat gepland voor 29 oktober 2026.

Waar de berichtgeving verschilt

De spelling van de achternaam van de NBU-gouverneur varieert in het beschikbare materiaal tussen 'Pyshny' en 'Pyshnyi'. Het gaat om dezelfde persoon, NBU-gouverneur Andriy Pysjnyi.

Achtergrond

Sinds juli 2026 stond de sleutelrente op 15,5%, na een eerdere verhoging op 30 juli 2026 in reactie op een verwachting van oplopende inflatie. Het inflatiedoel van de NBU is 5% over de beleidshorizon. Brandstofprijsstijgingen door escalatie van de oorlog in het Midden-Oosten en snellere stijgingen van administratieve tarieven door Russische aanvallen op infrastructuur worden aangewezen als drijvende krachten achter recente prijsdynamiek. De NBU gaf aan klaar te staan om aanvullende beperkende maatregelen te nemen als prijsrisico's toenemen, en versoepeling te overwegen als een verslechtering van de veiligheid de consumptievraag en de arbeidsmarkt afkoelt.