Trump beschuldigt Oekraïense aanvallen op Russische raffinaderijen van dieselcrisis in VS
De Amerikaanse president Donald Trump heeft op 30 september tegen journalisten in het Witte Huis gezegd dat Oekraïense aanvallen op Russische olieraffinaderijen — en niet het Midden-Oosten — de oorzaak zijn van de oplopende dieselprijzen in de Verenigde Staten. Hij herhaalde zijn eerdere oproep aan Zelensky om die aanvallen te stoppen en sloot een exportverbod op Amerikaanse diesel niet uit. Zijn eigen functionarissen en analisten wijzen echter ook op de oorlog tegen Iran en dalende wereldwijde voorraden als oorzaken.
Hoofdpunten
- Trump verklaarde op 30 september in het Witte Huis dat Oekraïense aanvallen op Russische olieraffinaderijen de brandstofcrisis in de VS veroorzaken, niet de situatie in het Midden-Oosten.
- Hij noemde de oorlog tussen Rusland en Oekraïne en de aanvallen op Russische raffinaderijen "het grootste probleem" voor de dieselmarkt.
- Op 13 september had Trump Zelensky al opgeroepen de aanvallen op Russische energie-infrastructuur te stoppen; op 28 september zei Trump dat Zelensky akkoord ging met een verlaging van de intensiteit.
- Op 22 september verklaarde Zelensky juist dat in gesloten gesprekken met Trump geen eis was gesteld om de aanvallen eenzijdig te staken; op de nacht van 25 en 26 september werden raffinaderijen in Perm, Novoshakhtinsk en de Ilysky-raffinaderij in Krasnodar Krai getroffen.
- De VS overwegen maatregelen om de dieselprijzen te drukken, zoals een exportverbod of -beperking, vrijwillige productieverlaging door Amerikaanse raffinaderijen en een oproep aan EU-landen om strategische dieselreserves aan te spreken.
- Volgens Reuters zijn de Amerikaanse dieselprijzen op jaarbasis met 40% gestegen tot $6,53 per gallon; Trump sloot een exportverbod op diesel uit de VS niet uit.
- Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent en minister van Energie Chris Wright noemen de Iraanse oorlog en krimpende mondiale voorraden als (mede)oorzaak; Volodymyr Omelchenko van het Razumkov Centrum stelt dat de oorlog tegen Iran — niet de Oekraïense aanvallen — de prijs naar een record van $6 heeft gedreven.
Waarom dit belangrijk is
De uitspraken zijn opvallend omdat een Amerikaanse president een binnenlands energieprijsprobleem openlijk in de schoenen schuift van Oekraïne, in plaats van het Midden-Oosten of het eigen energiebeleid. Trump herhaalt publiekelijk zijn druk op Zelensky om een hoeksteen van Oekraïnes oorlogsstrategie — aanvallen op Russische raffinaderijen — te stoppen. Daarnaast oppert hij een exportverbod op Amerikaanse diesel, met wereldwijde markteffecten. De tegenstrijdige verklaringen van Trump, zijn eigen ministers (Bessent, Wright) en Oekraïense analisten over de oorzaken van het tekort maken de kloof in de Amerikaans-Oekraïense afstemming over energie- en staakt-het-vuren-onderhandelingen zichtbaar.
Wat er is gebeurd
Op 30 september sprak de Amerikaanse president Donald Trump op het Witte Huis met journalisten en stelde dat de stijgende dieselprijzen in de Verenigde Staten niet door de situatie in het Midden-Oosten worden veroorzaakt, maar door Oekraïense aanvallen op Russische olieraffinaderijen. Die zouden volgens hem "op een alarmerend tempo" uit bedrijf worden genomen, waardoor het aanbod van diesel op de wereldmarkt onder druk staat. Trump zei dat er zonder die aanvallen geen dieselprobleem in de VS zou zijn en noemde de oorlog tussen Rusland en Oekraïne "het grootste probleem" voor de dieselmarkt. Hij sloot een Amerikaans exportverbod op diesel niet uit en gaf aan dit samen met minister van Energie Chris Wright te overwegen; Wright denkt dat zo'n verbod de dieselprijzen kan drukken, maar de prijzen van andere goederen — waaronder benzine — kan opdrijven. Het Witte Huis onderzoekt meerdere opties om de prijzen te verlagen: een exportverbod of -beperking, vrijwillige productieverlaging door Amerikaanse raffinaderijen, en een oproep aan EU-landen om een deel van hun strategische dieselreserves te gebruiken. Trump herhaalde zijn oproep van 13 september aan president Zelensky om de aanvallen op Russische energie-infrastructuur te stoppen. Op 28 september had Trump gezegd dat Zelensky akkoord ging met een verlaging van de intensiteit van die aanvallen; op 22 september had Zelensky juist verklaard dat in gesloten gesprekken met Trump niet was geëist dat Oekraïne de aanvallen eenzijdig zou stoppen. De aanvallen gingen door: in de nacht van 25 september werden raffinaderijen in Perm en Novoshakhtinsk getroffen, op 26 september de Ilysky-raffinaderij in Krasnodar Krai. Volgens Reuters stegen de dieselprijzen in de VS op jaarbasis met 40% tot $6,53 per gallon. Ondertussen heeft Rusland zijn exportverbod op diesel voor producenten verlengd tot eind oktober en eerder de export van benzine en vliegtuigbrandstof beperkt.
Hoe Oekraïense bronnen het beschrijven
De Oekraïense berichtgeving plaatst het verhaal in het kader van Trumps herhaalde publieke beschuldigingen aan het adres van Oekraïne en zijn druk op Zelensky om de aanvallen op Russische energie-infrastructuur te staken. Artikelen benadrukken Trumps uitspraak dat er zonder Oekraïense aanvallen geen dieselprobleem zou zijn, evenals zijn eigen suggestie van een exportverbod op diesel uit de VS. Ze besteden ook aandacht aan de weerwoord van Oekraïense zijde: Volodymyr Omelchenko van het Razumkov Centrum stelt dat het de oorlog tegen Iran is — niet de Oekraïense aanvallen — die de dieselprijs naar een record van $6 heeft gedreven, al erkent hij dat de aanvallen het tekort wel verergeren. Daarnaast wordt Trumps bewering van 28 september dat Zelensky akkoord ging met een verlaging van de intensiteit naast de verklaring van Zelensky van 22 september gelegd, dat in de gesloten gesprekken geen eis tot eenzijdige stopzetting was geformuleerd — en dat de aanvallen op 25 en 26 september gewoon doorgingen.
Waar de berichtgeving verschilt
De berichtgeving bevat een duidelijk meningsverschil over de hoofdoorzaak van de Amerikaanse dieselcrisis. Trump wijst deze primair toe aan Oekraïense aanvallen op Russische olieraffinaderijen. Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent noemt die aanvallen wel een energiescrisis-oorzaak, maar ziet de oorlog tegen Iran als tweede oorzaak. Minister van Energie Chris Wright wijst op schade aan Russische raffinaderijen, maar erkent daarmee impliciet dat de mondiale marktsituatie een rol speelt. Volodymyr Omelchenko van het Razumkov Centrum stelt expliciet dat de oorlog tegen Iran — niet de Oekraïense aanvallen — de prijs naar recordhoogte heeft gedreven, al geeft hij toe dat de aanvallen het tekort verergeren. Een tweede verschil betreft Trumps bewering van 28 september dat Zelensky akkoord ging met een verlaging van de intensiteit van de aanvallen, tegenover Zelensky's verklaring van 22 september dat in de gesloten gesprekken geen eis tot eenzijdige stopzetting was gesteld — en het feit dat de aanvallen op 25 en 26 september gewoon doorgingen.
Achtergrond
De Amerikaanse dieselprijzen zijn volgens Reuters op jaarbasis met 40% gestegen tot $6,53 per gallon. Rusland heeft het exportverbod op diesel voor producenten verlengd tot eind oktober en eerder de export van benzine en vliegtuigbrandstof beperkt om de binnenlandse markt te stabiliseren na de Oekraïense aanvallen op raffinaderijen. Op 13 september riep Trump Zelensky publiekelijk op de aanvallen op Russische energie-infrastructuur te stoppen; op 22 september zei Zelensky dat in gesloten gesprekken geen eis tot eenzijdige stopzetting was gesteld; op 28 september zei Trump dat Zelensky akkoord ging met een verlaging van de intensiteit. De aanvallen gingen door: in de nacht van 25 september werden faciliteiten in Perm en Novoshakhtinsk getroffen, op 26 september de Ilysky-raffinaderij in Krasnodar Krai. Andere functionarissen van de Trump-administratie — minister van Financiën Scott Bessent en minister van Energie Chris Wright — en de in de berichtgeving geciteerde analisten schrijven het dieseltekort aan meerdere oorzaken toe, waaronder de oorlog van de VS tegen Iran en krimpende mondiale brandstofvoorraden. Begin juli had Trump tijdens een ontmoeting met Zelensky de aanvallen op Russische raffinaderijen publiekelijk een escalatie genoemd die een einde aan de oorlog zou kunnen maken. Eerder in dezelfde week als zijn uitspraken van 30 september meldde Trump een "prachtig" gesprek te hebben gehad met Vladimir Poetin, die volgens hem een deal wil om de oorlog in Oekraïne te beëindigen.